top of page
Zoeken

Zo pak je het inrichten van je nieuwbouwhuis aan

Bijgewerkt op: 13 uur geleden


Eindelijk heb je de sleutels in de hand van je nieuwe huis. Het is licht en fris, alles is helemaal nieuw. Maar je merkt al snel dat het inrichten van je interieur en tuinĀ een stuk lastiger is dan gedacht. Je oude meubels lijken niet te passen in de ruimte, de kale muren wachten nog op kleur en karakter en de tuin… dat is nog een grote modderpoel!

Hoe begin je?


Met dit stappenplan voorkomen je de meest gemaakt fouten en ben je weer een eind op de goede weg. Maar mocht je merken dat je er toch niet helemaal uitkomt, dan helpt Wonderlijk WonenĀ je graag om van jouw huis een warm en eigen thuis te maken.



1. Begin met een visie

Verzamel inspiratie in een moodboard of op Pinterest en kijk welke kleuren, materialen en meubels consequent terugkomen. Kies 1 of 2 basiskleuren en voeg er een bepaalde kleur of tint als accent aan toe. Zo ontstaat vanzelf een samenhangend geheel. Laat je niet leiden door trends, maar door wat bij jou en je leefwijze past. Op die manier gaat je inrichting langer mee. Vergeet hierbij ook de buitenruimte niet: De tuin is tegenwoordig net zo belangrijk als je interieur. Het is een plek om te onthaasten en tot rust te komen. Toch krijgt deze vaak nog (te) weinig aandacht. Ā 


Gebruik de visie als leidraad voor de hele woning. Dit helpt om ruimtes in elkaar te laten overvloeien en voorkomt dat elke kamer een andere stijl krijgt. Zo weet je het hele proces precies waar je naartoe wilt werken en kun je bij twijfel meteen checken of iets wel in de visie past.

Ā 

2. Maak een globaal indelingsplan

Het liefst maak je de indeling van het nieuwe huis al ruim voordat het huis afgewerkt wordt, zodat je bijvoorbeeld nog een lichtpunt op een andere plek kunt maken. Maar ook als je de sleutels al hebt is het slim om eerst een basisindeling te maken, voordat je alles uit het oude huis meteen verplaatst. Meet de ruimtes op voor de definitieve maten en bepaal waar de grote meubels zoals banken, kasten en eettafels komen.

Wanneer je een open woonplan hebt, kan de grote open ruimte als een balzaal aanvoelen en dan kan het lastig zijn om warmte en gezelligheid te creƫren. Het helpt om de ruimte dan verder op te delen in kleinere functionele zones. Denk aan een zithoek, een leeshoek, een eethoek, etc. Je kunt vloerkleden, verlichting of kleurvakken op de muur gebruiken om zones visueel van elkaar te scheiden.


3. Bepaal wat je waar precies wilt doen

Ga per zone na welke activiteiten je er precies wilt uitvoeren. Ga uit van hoe je graag je tijd spendeert, welke spullen je wilt opbergen en op welke manier je je door de ruimte beweegt. Maak op basis daarvan een lijstje met meubels en accessoires die nodig zijn om dit optimaal te realiseren.


Ga hierbij echt in detail! Denk voor de hal bijvoorbeeld na over wat je precies doet als je binnenkomt. Hang je je jas op, doe je je schoenen meteen uit en leg je je sleutels neer? Zorg dan voor voldoende haken, opbergruimte voor de schoenen en een bakje voor je sleutels. Kijk je vooral nog even of je haar wel goed zit of heb je plek nodig voor de kinderwagen? Zorg dan voor een spiegel en plek voor de wagen.


Nu je weet wat je waar wilt doen, weet je ook wat voor meubels en accessoires hiervoor nodig zijn. Bepaal ook waar juist niks moet komen, zodat je bijvoorbeeld (kast)deuren open kunt doen of langs elkaar kunt lopen op de gang. Je hebt nu je alle ingrediënten om de exacte indeling per zone te bepalen en klaar om gericht aan de slag te gaan met inrichten. 

Ā 

3. Gebruik wat je al hebt

Met de indeling bij de hand weet je direct welke meubels nog passen en welke misschien vervangen of aangepast moeten worden. Je hoeft zeker niet alles in ƩƩn keer te nieuw te kopen. Vul je collectie aan met nieuwe stukken als je denkt dat deze functioneler zijn of de juiste sfeer vangen, maar vergeet niet te kijken naar hoe je de huidige meubels kunt inpassen. Door bijvoorbeeld de stof van de bank te vervangen, andere greepjes op kastjes te zetten of iets in een andere kleur te verven, kun je ook al een ander beeld neerzetten zonder meteen alles nieuw te kopen. Zo behoud je herinneringen en voeg je juist karakter toe.


Het is nu ook heel makkelijk om meubels van functie en ruimte te laten wisselen. Misschien had je een leuk bijzettafeltje in de woonkamer staan in het oude huis, dat nu perfect dienst kan doen als nachtkastje op de slaapkamer. Of wellicht is de fauteuil nu wat te klein voor de woonkamer, maar is hij ideaal voor een leuk leeshoekje op je werkkamer. Let erop dat de meubels per zone in verhouding zijn tot de ruimte. Dit bepaalt vaker nog meer of een ruimte aangenaam aanvoelt dan de exacte stijl die wordt toegepast. Kortom: Mix en match wat je hebt en vul aan met nieuwe items waar nodig.

Ā 

4. Maak het sfeervol

Nu de indeling is bepaald en de grote meubels staan, kun je laagjes gaan toevoegen. Kijk per zone wat je wilt benadrukken als je de kleuren op de muur (en het plafond!) en de stoffering bepaalt. Muurverf en behang zijn er in alle tinten, dus het is vaak makkelijker om deze aan de meubels aan te passen, dan andersom.


Voeg daarna accessoires toe zoals kussens, plaids, kunst aan de muur en planten. Zo wordt het meteen een stuk gezelliger. Vergeet niet om persoonlijke items in het zicht te zetten want dit maakt een interieur juist uniek. Denk geregeld terug aan je visie om te zorgen dat je niet te ver afdwaalt bij het zien van andere mooie spullen.


Speel met texturen en vormen om het geheel levendig te maken. Ga voor een zacht kleed, een wollen plaid of linnen kussens, die zorgen direct voor warmte. Wissel dit af voor een mooi contrast met hardere, koele materialen, zoals metaal of gouden accenten. Denk ook na over welke vormen je combineert, zodat dit een prettige afwisseling is tussen strak en organisch.

Ā 

5. Vergeet het licht niet

Behalve dat goed licht nodig is om iets te zien als het donker is, is licht ook een van de sterkste middelen om sfeer te creƫren. Stiekem bepaalt dit dus best veel! Zorg voor een mix van functioneel licht, sfeerverlichting en accentverlichting. Combineer hiervoor staande lampen, plafondlampen en dimbare spots. Zo creƫer je altijd de juiste sfeer, ongeacht het tijdstip.


Stel eerst vast op welke plekken je licht nodig hebt. Zorg bijvoorbeeld recht boven het aanrecht voor lampen die het werkblad goed verlichten zonder schaduwen. Houd hierbij rekening met de lichtsterkte (Lumen) en lichtkleur (Kelvin). Ga dan aan de slag om extra warmte toe te voegen met staande lampen, hanglampen of tafellampen. Denk bijvoorbeeld aan mooi hanglampen boven de eettafel of het uitlichten van een pronkstuk aan de muur met een lampje. Dit maakt de ruimte direct gezelliger.


6. Verleng je woonruimte naar buiten toe

Neem ook de buitenruimte mee in bovenstaande stappen. Ook hier begin je het beste met het indelen van de ruimte in zones, gevolgd door het bepalen van de exacte indeling inclusief borders, en het toevoegen van de sfeer middels de beplanting en met licht. Houdt hierbij wel rekening met de hoeveelheid onderhoud die bepaalde beplanting vraagt en hoe groot sommige planten worden.


Door de tuin in ƩƩn keer meer te nemen in je aanpak, zorg je gemakkelijk dat deze naadloos aansluit op de rest en dat je een logische indeling kunt maken. Kies bijvoorbeeld voor een tint terrastegel die vergelijkbaar is met de vloer binnen en verleng zichtlijnen van binnen naar buiten toe zodat je ook vanuit binnen het hele jaar geniet van al het moois van buiten.

Ā 

Door stap voor stap te werken, zones te creƫren, kleuren en stijlen te kiezen en oude meubels bewust te mixen met nieuwe elementen, wordt je grote, lichte nieuwbouwhuis langzaam een warm, persoonlijk thuis met karakter en gezelligheid.

Opmerkingen


bottom of page